Wat is de plooiverhouding

Inleiding

In het gordijnvak kom je al snel het begrip plooiverhouding tegen. Dit is een basisprincipe dat elke gordijnmaker moet begrijpen. De plooiverhouding bepaalt namelijk hoeveel stof nodig is om een gordijn mooi te laten vallen. Zonder de juiste verhouding kan een gordijn er vlak, onregelmatig of juist overdreven zwaar uitzien.

Voor iemand die het vak van gordijnen wil leren, is dit een van de eerste technische berekeningen die je moet begrijpen. De plooiverhouding bepaalt niet alleen de uitstraling van het gordijn, maar ook hoeveel stof besteld moet worden en hoe de plooien uiteindelijk verdeeld worden.

In een professioneel Gordijnatelier wordt daarom altijd eerst de plooiverhouding bepaald voordat het gordijn wordt gemaakt. Bij TULAY Gordijnatelier Rotterdam, waar meer dan 19 jaar vakmanschap wordt toegepast, vormt deze berekening een standaard onderdeel van het maatwerkproces. Door deze stap correct uit te voeren ontstaat een gordijn dat perfect valt en een elegante uitstraling heeft.


Wat is dit precies?

De plooiverhouding is de verhouding tussen de breedte van de gordijnrail en de totale breedte van de gordijnstof.

Een gordijn heeft altijd meer stof nodig dan de breedte van de rail. Dit extra materiaal zorgt ervoor dat plooien kunnen ontstaan.

De plooiverhouding wordt meestal uitgedrukt als een factor.

Voorbeelden:

  • factor 1,5
  • factor 2
  • factor 2,5

De berekening is eenvoudig:

stofbreedte = railbreedte × plooifactor

Hoe hoger de plooiverhouding, hoe voller het gordijn zal zijn.

Een gordijn met factor 2 betekent bijvoorbeeld dat er twee keer zoveel stof wordt gebruikt als de breedte van de rail.


Waarom is dit belangrijk bij gordijnen?

De plooiverhouding heeft een directe invloed op de uitstraling van het gordijn.

Wanneer de verhouding te laag is, ontstaan er nauwelijks plooien en hangt de stof vlak. Wanneer de verhouding te hoog is, kan het gordijn te zwaar worden en moeilijk openen.

Een goede plooiverhouding zorgt voor:

  • een mooie stofval
  • gelijkmatige plooien
  • een luxe uitstraling
  • een goede verdeling van de stof

De juiste verhouding hangt ook af van het type plooi.

Bijvoorbeeld:

  • enkele plooi → factor 1,8 tot 2
  • dubbele plooi → factor 2 tot 2,5
  • vlinderplooi → factor 2 tot 2,5
  • wave gordijnen → factor 1,6 tot 2

In een professioneel Gordijnatelier wordt daarom altijd gekeken naar zowel de stof als het type plooi.


Hoe werkt dit in de praktijk?

In een gordijnatelier begint het proces altijd met het meten van de gordijnrail. Dit is de maat waar alle berekeningen op gebaseerd zijn.

Daarna wordt bepaald:

  • welk type plooi wordt gebruikt
  • welke stof wordt gekozen
  • hoe vol het gordijn moet zijn

Sommige stoffen hebben meer volume nodig om mooi te vallen. Bijvoorbeeld lichte linnen stoffen hebben vaak een hogere plooiverhouding nodig dan zware velours stoffen.

Wanneer deze keuzes zijn gemaakt, wordt de totale stofbreedte berekend.

Bij TULAY Gordijnatelier Rotterdam wordt deze berekening altijd gecontroleerd voordat de stof wordt geknipt of besteld.


Stap-voor-stap uitleg

Stap 1

Meet de breedte van de gordijnrail.

Voorbeeld:

Railbreedte = 300 cm

Stap 2

Kies het type plooi.

Bijvoorbeeld:

  • enkele plooi
  • dubbele plooi
  • wave plooi

Stap 3

Bepaal de plooiverhouding.

Bijvoorbeeld:

factor 2

Stap 4

Bereken de totale stofbreedte.

300 cm × 2 = 600 cm stofbreedte

Deze stof wordt later verdeeld over de plooien van het gordijn.


Praktische tips van een gordijnatelier

  1. Gebruik voor luxe gordijnen vaak een hogere plooiverhouding.
  2. Controleer altijd de breedte van de stofrol voordat je berekent hoeveel banen nodig zijn.
  3. Houd rekening met extra stof voor naden en zomen.
  4. Pas de plooiverhouding aan op de dikte van de stof.
  5. Controleer de berekening altijd twee keer voordat de stof wordt geknipt.

Deze werkwijze wordt dagelijks toegepast in professionele ateliers zoals TULAY Gordijnatelier Rotterdam, waar meer dan 19 jaar vakmanschap wordt gecombineerd met precisie en ervaring.


Veelgemaakte fouten

1. Te weinig stof gebruiken

Hierdoor hangen gordijnen vlak en missen ze volume.

2. De verkeerde plooifactor kiezen

Dit kan leiden tot plooien die niet goed gevormd worden.

3. Meten van het raam in plaats van de rail

De railbreedte is altijd de juiste maat voor berekeningen.

4. Geen rekening houden met stofbreedte

Dit kan extra naden veroorzaken.

5. De berekening niet controleren

Een kleine rekenfout kan grote gevolgen hebben voor het eindresultaat.


Samenvatting

De plooiverhouding is de verhouding tussen de breedte van de gordijnrail en de totale breedte van de gordijnstof. Deze verhouding bepaalt hoeveel stof nodig is om mooie plooien te creëren.

Door de juiste plooiverhouding te kiezen ontstaan gordijnen met een mooie stofval, gelijkmatige plooien en een luxe uitstraling. Deze berekening vormt een essentieel onderdeel van het gordijnvak.

In een professioneel Gordijnatelier zoals TULAY Gordijnatelier Rotterdam wordt deze techniek al meer dan 19 jaar toegepast om maatwerk gordijnen van hoge kwaliteit te maken.


Voetnoten (vaktermen uitgelegd)

¹ Gordijnband
Een band die aan de bovenkant van een gordijn wordt genaaid om plooien te vormen.

² Wave gordijn
Een gordijn dat via een speciale rails in gelijkmatige golven hangt.

³ Voering
Een extra stoflaag achter een gordijn die zorgt voor verduistering of bescherming van de stof.

Plooifactor
De verhouding tussen de breedte van de gordijnrail en de totale breedte van de gordijnstof.

Gordijnrail
De rail waar gordijnen aan hangen en waarlangs ze geopend en gesloten worden.

Vergelijkbare berichten